Zoeken in deze blog

donderdag 30 mei 2013

Tussen Grijs en Grijs

Tussen jouw woorden
zweefden
terwijl je me bekoorde
de eeuwige twijfeling
die jou nimmer voorbij ging

Terwijl jouw woorden
vloeiden
als nooit tevoren
voelde ik ze als gal
schommelen in mijn maag

Na jouw woorden
bleef ik achter
verloren
vanwege de tintelende fluistering
op mijn lippen;

Wat als?
Mijn moeder is mijn naam vergeten,
Mijn kind weet nog niet hoe ik heet.
Hoe moet ik mij geborgen weten

Noem mij, bevestig mijn bestaan,
laat mijn naam zijn als een keten.
Noem mij, noem mij, spreek mij aan,
o, noem mij bij mijn diepste naam.

Voor wie ik liefheb, wil ik heten.

-Neeltje Maria Min
pootjebaden
in mijn gedachten
die zijn overladen
door ononderbroken
zorgen
met de herinnering
aan overmorgen

dinsdag 12 juli 2011

aantekeningen van de mier

In de verte.
'Eekhoorn! Eekhoorn!'
Hij kijkt op.
'Wie ben jij?'
'De mier! Je herkent me toch wel? De mier die altijd...'
Hij schudt zijn hoofd:
'Vroeger had ik je herkend.'
Hij is omringd door schalen vol eikenhoning, wilgenhoning
en de zoetste beukennotenhoning die ik ooit heb verzonnen
Hij eet alles op en mompelt:
'Vroeger was alles voor jou geweest.'
Hij veegt de laatste honing van zijn mond
en vertrekt.
'Waar ga je heen?' vraag ik.
'Naar toen,' zegt hij.
Er blijft niets meer van hem over.

Ik zwerf door de woestijn.
Dit zijn mijn aantekeningen.
Achter de horizon ligt vroeger.
Ik verbrand. Ik heb het koud.

-Toon Tellegen, Het vertrek van de mier

dinsdag 14 juni 2011

Soliloquy of the Solipsist

I?
I walk alone;
The midnight street
Spins itself from under my feet;
When my eyes shut
These dreaming houses all snuff out;
Through a whim of mine
Over gables the moon's celestial onion
Hangs high


I
Make houses shrink
And trees diminish
By going far; my look's leash
Dangles the puppet-people
Who, unaware how they dwindle,
Laugh, kiss, get drunk,
Nor guess that if I choose to blink
They die.


I
When in good humor,
Give grass its green
Blazon sky blue, and endow the sun
With gold;
Yet, in my wintriest moods, I hold
Absolute power
To boycott color and forbid any flower
To be.


I
Know you appear
Vivid at my side,
Denying you sprang out of my head,
Claiming you feel
Love fiery enough to prove flesh real,
Though it's quite clear
All your beauty, all you wit, is a gift, my dear,
From me.


Sylvia Plath,1956

maandag 30 mei 2011

Schone zonder vaste grond
Zonder parket zonder schoenen of lakens
Ik maak je tot niets

-Paul Éluard